Huurprijsherziening

In volgende gevallen kan de huurder een huurprijsherziening aanvragen:

Bij pensioen, overlijden of schrapping uit de huurovereenkomst

Een gezinslid kan met pensioen gaan, verhuizen of overlijden, waardoor het gezinsinkomen daalt. Je kan dan aan Volkswelzijn vragen om de huurprijs opnieuw te berekenen. De huurprijs wordt dan aangepast vanaf de maand die volgt op de maand waarin je dat aan Volkswelzijn hebt gevraagd. Je moet wel met de nodige bewijsstukken aantonen dat het gezinsinkomen daalt.

Bij daling van het inkomen

Het kan ook gebeuren dat het gezinsinkomen plots daalt omdat bijvoorbeeld een gezinslid langdurig ziek wordt of zijn job verliest. Je kan dan, na drie maanden, aan Volkswelzijn vragen om de huurprijs opnieuw te berekenen. Daarvoor zal Volkswelzijn het gemiddelde inkomen berekenen over deze drie opeenvolgende maanden. Dat gemiddelde inkomen moet met minstens 20% zijn gedaald tegenover het inkomen waarop de huurprijsberekening was gebaseerd. De huurprijs wordt dan aangepast vanaf de maand die volgt op de maand waarin je dat, met de nodige bewijsstukken, aan Volkswelzijn hebt gevraagd. Deze herberekening geldt voor 3 maanden. Je dient op het einde van de 3de maand de gezinsinkomsten van de laatste 3 maanden opnieuw binnen te brengen om aan te tonen dat het huidig inkomen nog steeds 20% lager ligt. Doe je dat niet of ligt het inkomen geen 20% lager meer, dan betaal je opnieuw de oude huurprijs.

Personen die komen bijwonen tijdens de loop van de huurovereenkomst

Als een persoon komt bijwonen in de sociale woning, wordt de huurprijs opnieuw berekend.  De huurprijs wordt dan aangepast vanaf de maand die volgt op de maand waarin de persoon erbij kwam wonen.

Als de basishuurprijs verandert

In principe wordt de basishuurprijs maar na 9 jaar herzien. In uitzonderlijke gevallen kan de basishuurprijs wel aangepast worden als de marktwaarde van de woning met 10% gestegen is ten gevolge van bv. een grondige renovatie van de woning of door daling van de marktwaarde met minimum 5%.